Wat onthoudt de geschiedenis als solidariteit een misdrijf wordt?

Wat zullen de volgende generaties over twintig jaar denken van ons stilzwijgen, onze onbetrokkenheid, onze instemming? En vooral van het onmenselijk, onverantwoord handelen van de decision makers die ons vandaag uitleggen, alsof het zonneklaar is, dat er geen alternatief is voor de ellende, voor de gruwel?

Editorial van Nico Cué, 4/05/2018.

Europa zit in een lastig parket. Op de buitengrenzen van het continent werden om en bij de 40.000 doden geteld. De kleine Aylan bijvoorbeeld, het Syrische jongetje dat aanspoelde op een strand van Bodrum. Zijn armen bengelen naast zijn opgezwollen lichaam, hij draagt een rode short en een blauw hemdje… Er hangt nog schuim aan zijn hoofd. Hij beroerde de publieke opinie in 2015. Weet men dat nog?

In naam van een antiterreurstrijd werden de interne grenzen die jongeren onder de 26 nooit gekend hebben,  opnieuw opgetrokken ter belemmering van vrij verkeer van personen. Vooral als die een donkerdere huid hebben dan de bleke autochtonen. Ze hebben geen papieren, geen rechten, geen middelen.

Geen enkele barrière is echter bestand mannen en vrouwen die vanuit een levensdrang vluchten naar betere oorden.

‘Ik begon vrouwen en kinderen te helpen bij de oversteek, toen ik besefte dat enkel de sterkste mensen de andere kant bereikten. Ik kan er niet bij dat je asiel moet verdienen en dat enkel de sterksten hier recht op hebben.’ Het zijn de woorden van Cédric Herrou, bescheiden boer van de Roya-vallei die zich uitstrekt over Italië en Frankrijk. Krachtig, eenvoudig. Hij is de held van de documentaire ‘Libre’, van Michel Toesca, geselecteerd voor de officiële selectie van het volgende festival van Cannes.

Deze landbouwer van Breil heeft huisarrest gekregen. Hij wordt vervolgd onder meer omwille van het helpen van minderjarigen. Hij wordt ervan beticht hen naar de andere kant gebracht te hebben van een grens die in theorie niet bestaat. Of enkel voor terroristen die niemand daar ooit heeft zien voorbijkomen… Misschien ook omdat hij voor zijn acties uitkomt en zijn ‘prefect’ al vier keer heeft doen veroordelen. Het gerecht vond dat de hoogwaardigheidsbekleder van de Republiek teveel vrijheid nam met het… recht op asiel. Niet meer dan dat, maar het heeft niet tot zijn mutatie noch tot een sanctie geleid. De werkelijkheid is mogelijk nog cynischer. Eric Fassin, socioloog en professor aan de universiteit van Paris VIII, vermeldt immers het bestaan van een ‘verdienstelijkheidspremie’ voor hoge ambtenaren. De onze zou zich kunnen beroemen op maar liefst 60.000 vluchtelingen die in zijn kiesdistrict teruggestuurd zijn naar Italië. Sommige van deze ‘pendelaars’ werden al vijf, zeven, tien keren teruggebracht… Toch geven ze niet op. Goed voor de rang van de prefect?

De geschiedenis is het heden
Cédric Herrou heeft een eerbetoon gekregen in de New York Times, en op de voorpagina nog maar liefst. Hij had een van hun journalisten meegenomen op de overtocht van een paar kinderen die Eritrea en hun kindertijd achter zich lieten. Dat leverde hem een vergelijking op met de animatoren van een Amerikaans net die slaven uit het Zuiden exfiltreerden tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog. Hij is vooral het vaandel van het verzet, van een grensstreek waar gastvrijheid een waarde blijft, van het idee dat we onze aardbol delen met anderen. ‘Nee, ik zie het niet echt als humanitaire hulp,’ zegt hij. ‘Ik doe aan politiek en ik kom daar openlijk voor uit.’ Hij benadrukt: ‘Binnen twintig jaar zijn we allemaal migranten. Niet omdat we gaan migreren. Maar omdat de manier waarop de overheid hen behandelt, aantoont op welke manier de zwaksten onder ons morgen zullen behandeld worden…’    

Er wordt gezegd dat we niet ‘alle ellende van de wereld in huis kunnen nemen’. Het is zo dat wij er slechts een miniem deel van ontvangen. Het zijn de armste landen die zich het meest gastvrij opstellen. Wat onthouden de geschiedenisboeken? Zolang de maatschappij het er benard van afbrengt en er mensen zijn die zich verzetten zoals deze boer uit de Roya, mogen besluitvormers vrezen voor het oordeel van de geschiedenisboeken die hun eigen kleinkinderen morgen in handen zullen hebben.

Deze les geldt evenzeer voor de politieke onverantwoordelijken, die het concept ‘solidariteitsdelict’ denken te ontwikkelen door opvang van vluchtelingen bij ons te criminaliseren. Door huisbezoeken toe te staan om mannen, vrouwen, en kinderen op te sporen.

En ook voor de rechtszaken in Antwerpen of Luik om syndicalisten te veroordelen die zelf het kamp van de solidariteit hebben gekozen om het op te nemen voor de zwaksten, hun recht op sociale zekerheid, op een waardig en geïndexeerd loon, op een waardig pensioen…

De geschiedenis is het heden, gezien door de toekomst.

Nico Cué
Secretaris-generaal